Arid bestaat 15 jaar en dat vraagt om een feestje!
Om hun verjaardag in stijl te vieren, zijn de heren momenteel bezig aan een theatertournee door heel België, waar ze naar aanleiding van hun gloednieuwe verzamelaar "Singles Collection" oud en nieuw materiaal in een meer intiem jasje brengen. Omdat Arid alleen het beste van het beste verdient hebben ze hiervoor de nieuwe Roland V-Piano Grand mee on the road genomen.
Een interview met Jasper Steverlinck over de Roland V-Piano Grand, het visuele aspect van een klavier, de aard van inspiratie en de edele kunst van het zeveren vind je hier.
Voor een "monster tour" heb je monstermuzikanten nodig. Logisch dus dat Lady Gaga drummer Charles Haynes en toetsenist Pete Kuzma onder de arm heeft genomen. Charles en Pete praten over de muzikale evolutie van de ophefmakende tournee en leggen uit welke rol de elektronische percussie en keyboards van Roland® daarbij spelen.
Interview: Dan Krisher (Roland US) - Foto's: Universal Music / Alex Vanhee
Onze eerste ontmoeting met Charles en Pete in Los Angeles dateert van november. Toen waren de repetities voor de "Fame Monster Tour" in de Sony Soundstages te Culver City net begonnen. Zowel Charles als Pete waren net terug van een tour met Kanye West. Tijdens die tournee hadden Charles en Pete een muzikaal samenwerkingsverband opgezet dat ze overhevelden naar Lady Gaga en "The Fame Monster Tour".Tijdens de eerste repetities hanteerden Charles en Pete een betrekkelijk grote drum- CQ. keyboardsetup tot Lady Gaga en haar designteam "Haus" een nieuw podium- en muzikaal concept begonnen uit te dokteren, zodat Charles en Pete bijna dagelijks een andere setlist voorgeschoteld kregen.
Andere muzikanten zouden bij dit soort uitdagingen in paniek geslagen zijn, maar Charles en Pete doken gewoon in hun Roland®-apparatuur op zoek naar oplossingen.Twee maanden later stond "The FameMonster Tour", na een uitgebreide tournee doorheen Canada en een groot deel van de VS, opnieuw in Los Angeles. We kregen de gelegenheid een aantal uren vóór het optreden in het Nokia Theater in hartje Los Angeles met Charles en Pete te praten.
DAN KRISHER (ROLAND CORPORATION U.S.): Laten we beginnen met jullie muzikale achtergrond. Hoe ben jij begonnen, Charles ?
CHARLES HAYNES (DRUMMER/ PERCUSSIONIST): Ik ben van huis uit een"slash"-drummer. Ik speelde gelukkig vaak in de kerk en begon me voor jazz te interesseren. Ik heb een tijdje met Kenny Garrett (saxofoon) en Christian McBride (bas gespeeld). Later ging ik naarhet Berklee College of Music en maakte er kennis met het unieke Willy's Café dat mijn leven een compleet andere wending gaf. Daar heb ik een aantal fantastische muzikanten ontmoet, die er kwamenspelen. Elke avond had een bepaald thema: donderdag was voorbehouden aan Latin-muziek, het weekend stond helemaal in het teken van de rechtdoorzee jazz enz. Daar heb ik enorm veel van opgestoken. Omdat ik er elke avond mocht spelen, maakte ik kennis met de meest uiteenlopende stijlen. In Berklee leerde ik een aantal te gekke muzikanten kennen. Veel bekende muzikanten geven er immers seminaries en nodigen je uit met hen te spelen.
Na Boston woonde ik een tijdje in New York. Ik speelde met Patti LaBelle, Meshell Ndegeocello en dan belde me iemand voor Kanye met het klassieke "kun je morgen ochtend de vlieger nemen" verhaal. Tussen de bedrijven door deed ik nog M.I.A. en nu dus Gaga.
DAN: En jij, Pete? Hoe ben jij de muzikant geworden die je nu bent ?
PETE KUZMA (TOETSENIST): Ik begon op zeven- of achtjarige leeftijd te spelen en volgde vanaf het prille begin jazzlessen. Daarna heb ik in Philadelphia jazz en klassieke muziek gestudeerd en er mijn Master-diploma behaald. Tegelijk begon ik links en rechts in jazzclubs te spelen waar ik kennis maakte met een groot aantal bekende jazzmuzikanten. Ik heb erg goede herinneringen aan die periode in Philadelphia. De "Neo Soul"-beweging kreeg nieuw leven ingeblazen en er gebeurde plots een heleboel. Ik was dus toevallig op het juiste moment op de juiste plaats.
Tegelijk was ik lied van een groep, die op trouwfeesten speelde en daarmee financierde ik mijn studies. De overige leden van die groep waren beginnende muzikanten die later als producers van Jazzy Jeff, Andre Harris en Vidal Davis meerdere platina-albums zouden binnenrijven.
DAN: Zo'n band zou ik ook wel voor mijn trouwfeest willen inhuren.
PETE: (Lacht) Het waren stuk voor stuk supermuzikanten, die al met Boyz II Men op tournee geweest waren. Zij produceerden indrukwekkende muziek en speelden o.m. bij Will Smith. Gewoon door het geluk met hen te spelen werd ik even later voor studioklusjes gevraagd. Ik heb heel veel studiosessies gedaan, onder meer voor Jill Scott, die me later als musical director inhuurde. Dat deed ik zes jaar en produceerde ook een aantal dingen voor haar tweede album. Daarna kwamen er ontelbare tournees met muzikanten van Philadelphia, zo bv. Akon, Danity Kane en nog een hele waslijst. Vorig jaar werd ik gebeld door Kanye West en speelde dan een jaar bij hem. Tja, en nu doen we samen Lady Gaga.
DAN: Charles, gebruikte jij al Roland-materiaal vóór je tour met Lady Gaga ?
CHARLES: Bij Meshell Ndegeocello gebruikte ik een (Octapad®) SPD-S. Sorry, Pete (lacht), zij had toen besloten voor dat project geen toetsenist in te huren! Ze wilde alleen twee gitaristen en mijzelf. Dus ben ik de studio ingegaan om alle akkoorden van de keyboards en alle speciale partijen op te nemen en ze daarna met een SPD-S te sampelen. In het merendeel heb ik de akkoorden voor de refreinen en bruggen gewoon vanop mijn SPD-S gestart. Dat was trouwens mijn eerste echte ervaring met de SPD-S. Ik heb sloot hem gewoon aan, speelde het eerste akkoord, daarna het tweede enz. Ook bij Kanye heb ik de SPD-S vaak gebruikt.
DAN: Op de foto's die je me toonde leek je setup behoorlijk complex te zijn.
CHARLES: Ik gebruikte inderdaad drie SPD-S'en met de benodigde samples en doorgeluste triggersignalen.
PETE: Het was een setup om "u" tegen te zeggen. Het drumpodium was alvast indrukwekkend groot.
DAN: Klopt het dat jullie allebei van de partij waren ?
CHARLES: Klopt. Ik was er eerst en vier maanden later kwam Pete erbij. Het was wel degelijk een complex gedoe.
PETE: De tour was trouwens in alle opzichten groots: alle podia waren groot – zelfs dat van de DJ.
DAN: Pete, welke ervaring had jij met Roland-materiaal vóór deze tour ?
PETE: Dan, dit ga je echt leuk vinden...Mijn allereerste tournee met Les Nubians, in 1999 denk ik, begon meteen nadat ik afgestudeerd was. Tot dan doe had ik mijn trouwe JV-2080 naar elke gig meegenomen. En naarmate ik meer speelde en dus ook meer verdiende kocht ik steeds meer geheugenuitbreidingen van de SRX-serie. Met de 2080 programmeerde ik destijds alle sounds voor Les Nubians. Tegelijkertijd speelde ik in Philadelphia ook jazzconcerten – en daarvoor kocht ik mijn eerste Roland VK-7.
Voor de jazzprojecten in Philly had ik toen gewoon een orgel nodig. Ik had totaal geen ervaring met orgels, maar de VK-7 heeft me zeer geholpen bij het uitvissen van de wisselwerking tussen de registerschuiven en de overige mechanische aspecten van een orgel. Vóór ik het wist had ik in Philadelphia en New York een heuse carrière als jazzorganist.
DAN: En zijn er nog andere dingen? Wat gebruik je voor Kanye West?
PETE: Voor Kanye en Jill Scott gebruik ik veel Roland-materiaal. Ik heb lang een XP-88 gehad, omdat ik zo gecharmeerd was door het klavier. Maar dan kwamen de Fantoms en de G-serie. Rond die tijd gebruikte ik tevens een Fantom-X7 en een 2080. Net vóór Kanye had ik een vocoder nodig en dus kocht ik een VP-550. Dat was trouwens mijn eerste vocoder. En ook die werkte fantastisch. Tijdens die tour begon ik mijn V-Synth® via MIDI aan te sluiten op de VP-550 en één microfoon te gebruiken waarmee ik beide aanstuurde. Ik werkte met maar vijf klanken van de V-Synth en mijn favoriete Patches van de VP-550. De combinatie van die twee leverde erg vette vocodersounds op.
DAN: Je had het daarnet over het gebruik van een orgel en registerschuiven. Is dat een belangrijk onderdeel van jouw sound?
PETE: Absoluut. Ik vind de orgelsound van Roland erg goed mengen met mijn setup voor grote arena's. De geluiden blijven gewoon altijd overeind.
DAN: Charles, welk materiaal gebruik jij voor "The Fame Monster Tour" ?
CHARLES: Inmiddels ben ik overgestapt naar de V-Drums®. Meer bepaald gebruik ik een TD-20X. Tenslotte verandert er wel elke dag iets aan de set. Gisteren heb ik nog een aantal nieuwe sounds geprogrammeerd. Ik denk dat ik de V-Drums inmiddels voor de helft van de songs gebruik.
DAN: En werk je met een hybride kit van V-Drums® en andere percussie ?
CHARLES: Voor de strofen van de songs gebruik ik vaak de V-Drums, de refreinen speel ik daarentegen op mijn akoestische kit. Ik speel echter hoe langer, hoe meer uitsluitend op de V-Drums en doe alleen nog de fills op mijn akoestische toms. Daarbuiten beperk ik me vaak tot mijn vier V-Drums-pads.
PETE: Ik meen me te herinneren dat je een tijdlang een 808-klank met je basdrumtrigger aanstuurde.
CHARLES: Dat klopt, maar talrijke dingen heb ik sinds het begin van de tour compleet veranderd (lacht).
PETE: Alles verandert gewoon tijdens deze tour!
DAN: Heb je de (Octapad) SPD-S ook bij ?
CHARLES: Jawel, maar echt veel doe ik er niet mee, omdat de V-Drums echt wel goed werken. Ik dacht bijvoorbeeld dat ik veel geluiden zou moeten sampelen, maar de TD-20X bevat het merendeel van die sounds al. Geef me twee minuten de tijd en ik tover precies de sound uit de TD-20X, die je moet hebben. Gisteren hadden we bijvoorbeeld het idee het geluid van een explosie te gebruiken. Ik ging dus bij de TD zitten en speelde wat met de basrespons en de decay. Tenslotte zorgde ik ervoor dat de toonhoogte heel snel daalt, wanneer ik op de pad mep. De SPD-S heb ik tot nu toe maar erg sporadisch gebruikt, wat vooral te danken is aan mijn alsmaar betere kennis van de TD-20X. Die is echt goed...fantastisch gewoon.
DAN: En jij, Pete, welke keyboards gebruik jij op de "The Fame Monster Tour" ?
PETE: Tijdens deze tour speel ik op een Fantom-G7 en een Fantom-G8. Aanvankelijk zat daar ook nog een V-Synth bij. Maar we moeten consolideren wegens plaatsgebrek op het podium en een beperkt aantal ingangen in de zaal. Dit houdt verband met hoe de tour is opgezet – voor theaters. Ik zou echt nog wel een paar keyboards kunnen gebruiken, maar mijn hoofdinstrumenten zijn een G8 en de G7. Om me echt prettig te voelen zou ik er zeker nog de VP-550 en een paar andere keyboards willen bijnemen. De G-serie is echter wel super: zo gebruiksvriendelijk en enorm functioneel voor dit project. Dat meen ik echt. Ik heb zelfs geen setlist nodig, omdat alle songs gewoon in die instrumenten geprogrammeerd zitten. Ik heb de nodige geluiden aan de pads, het datawiel en de overige speelhulpen van de Fantom toegewezen en kan dus meteen in actie schieten. Alles wat ik moet kunnen aansturen is klaar voor gebruik. Er zijn zo veel regelaars en sliders dat ik nagenoeg alles kan beïnvloeden: effecten, filterfrequentie, envelopes...Daar maak ik gretig gebruik van.
Bovendien moet ik zeggen dat de popmuziek momenteel de nadruk legt op dance, trance, house en aanverwante vibes. Dat soort singles halen momenteel de hitparades. Naast de prachtige piano- en strijkerklanken, die heel organisch overkomen, biedt de Fantom alles wat met trance, house, club en konsoorten te maken heeft. En dat past perfect bij onze set. Wat mij betreft heb je zo'n Fantom gewoon nodig voor eender welke popact die live gaat spelen.
CHARLES: Klopt als een bus. Ik ben het daar roerend mee eens.
PETE: Ik gebruik een groot aantal Patches van de Technocategorie, "trance"-synthesizers en die megavette polyfone sounds weetjewel. "Coffee Bee" vind ik een lekkere hardcore- en smerige soloklank waarmee ik alle frequentiegaten kan opvullen, die de overige muzikanten laten. Qua piano's gebruik ik live vaak de "Manhattan Grand". Misschien is dat wel mijn verdoken hommage aan de jazzscene in New York Jazz (lacht).
DAN: Daar doen wij graag aan mee !
PETE: (Lacht) En er is nog iets anders bij Roland-instrumenten: in de regel kun je de geluiden vliegensvlug naar je hand zetten, als ze nog niet perfect voor jouw specifieke toepassing blijken. Roland-instrumenten zijn ideaal als uitgangs- en eindpunt. Eens je dat weet en begint te snappen hoe eenvoudig je de geluiden tijdens het spelen kunt beïnvloeden, ben je gewoon verkocht. Alles kan beïnvloed worden, en wel zonder uitgebreid programmeerwerk. DAN: Stuur jij met je Fantom-G ook externe apparaten aan?
PETE: Ik gebruik een laptop voor de sounds, die specifiek voor de Lady Gaga-songs werden gemaakt en op plaat staan. Sommige daarvan stuur ik inderdaad met mijn Fantom aan. De Fantom fungeert dus enerzijds als instrument en anderzijds als controller. Ik stuur gewoon alles met de Fantom aan. De Fantom is het hart van mijn rig – hij kiest zelfs op de laptop andere klanken.
DAN: Dat is indrukwekkend. Hebben jullie twee al plannen voor de tijd na de "Fame Monster Tour" ?
CHARLES: Samen met één of andere heer Pete Kuzma heb ik heel wat productiewerk in het vooruitzicht (lacht). Op twee maanden tijd stond onze agenda helemaal vol. Ik kan weliswaar een beetje toetsen spelen, maar mijn talent blijft beperkt tot twee toonaarden (lacht). Dus werk ik liever met iemand zoals Pete, die op vijf seconden perfect inspeelt waar ik 20 minuten over doe. We vullen elkaar perfect aan. Samen werken we in de studio nieuwe projecten uit o.a. een aantal dingen voor indie-labels. Bovendien begin ik stilaan te verlangen naar mijn V-Synth. Ik heb er één in Boston, een GT. Daar heb ik al veel plezier aan beleefd. Verder wil ik me graag wat meer in mijn Fantom-G verdiepen.
PETE: Om als muzikant, producer en songwriter te overleven moet je op meerdere plaatsen tegelijk actief zijn. Daarom werken wij aan zoveel dingen tegelijk. Charles en ik zetten net een productiebedrijf op en daar kruipt heel wat tijd en energie in. Ten tweede werk ik al een tijdje aan een hommage voor soulmuziek – en dat wordt een heel persoonlijke plaat. Het wordt een instrumentaal project. Er zullen ook een aantal songs op staan die eigenlijk niets met soul te maken hebben. Het is een coveralbum over de grenzen van de genres heen. Tenslotte wil en kan ik Stevie niet kopiëren. Er staan ook nummers van o.m. de Stones en Oasis op evenals songs die mij de afgelopen jaren geïnspireerd hebben. Dit alles wordt overgoten met een "Neo Soul"-sausje. Ik ben van Philadelphia en wil eindelijk eens iets doen dat aan mijn persoonlijkheid beantwoordt.
(De tourmanager opent de deur en vraagt de muzikanten zich klaar te maken voor het optreden.)
DAN: Wel, het ziet ernaar uit dat we er een punt moeten achterzetten om jullie de tijd te geven de show voor te bereiden. Vriendelijk bedankt voor dit fijne gesprek. Nog een laatste vraag: zijn er nog Roland-instrumenten die jullie in de toekomst graag eens zouden willen uitproberen ?
PETE: Natuurlijk! De V-Piano Daar wil ik absoluut eens op spelen. En alles van Roland waar drawbars op zitten.
CHARLES: En meer V-Drums...daarvan kun je er nooit teveel hebben !
Ook Lady Gaga gebruikt Roland-instrumenten. Ze is trouwens een volmaakte pianiste en toetseniste. Geen enkele andere artiest sinds Elton John wordt zo nauw met de piano geassocieerd als Lady Gaga. Lady Gaga bezit een zeldzame witte RG-7 digitale vleugel waarop zij vooral live en op TV speelt: Zij was ook één van de eersten die een AX-SYNTH gebruikte. Uiteraard vroeg ze haar designers van het "Haus"-team de look ervan aan te passen…
Absynthe Minded valt niet meer weg te denken. Met hun single "Envoi" zijn ze dagelijks te horen op de radio. Naast onze eigen contreien zijn ze ook volop bezig het buitenland te veroveren: ze sleepten zonet een platencontract in de macht bij Universal Music in France. Binnenkort komt hun plaat uit in Frankrijk – in tussentijd werd hun hitsingle ook bij onze zuiderburen al gereleased. Op de plaat is het nog even wachten tot april. De single "Envoi" is er ondertussen al wel uitgebracht en die wordt volop gedraaid op de grote zenders.
Wat zijn de eerste reacties van het Franse publiek?
Zeer positief. We hebben er in het verleden al een compilatieplaat uitgebracht – zeg maar een "Best of" van onze eerste drie platen. Daar zijn we toen ook mee door radiostations opgepikt, maar dat bleef wat beperkt tot de kleinere stations. Al is dat natuurlijk relatief: Frankrijk is een groot land en de meeste lokale zenders zijn daar groter dan de nationale zenders hier. Maar nu met de nieuwe single loopt het zeer goed en worden we ook opgepikt door de grotere zenders zoals Virgin.
Vertel eens wat over jullie plannen. Hebben jullie met Universal (de platenmaatschappij, red.) een strategie afgesproken voor het Franse avontuur?
Onze platenmaatschappij is in elk geval hard aan het werken voor ons. Ze pushen de single naar radiostations toe en stappen mee in de organisatie van concerten. Binnenkort trekken we naar Parijs voor een concert voor 1600 aanwezigen. Dat zijn zo de eerste grote plannen. Aan de hand van de reacties daarop bouwen we dan verder een strategie uit. We hebben ook in het verleden al heel wat optredens in Frankrijk gedaan, vooral in Parijs. Al ging het toen veeleer om kleinere clubs.
Valt de sfeer tijdens een optreden in frankrijk te vergelijken met optreden in België?
Wat erg opvallend is, is dat er een meer uitgebouwd clubcircuit te vinden is in Frankrijk. De infrastructuur is anders en het zijn er gewoon ook veel meer dan hier. Een beetje zoals in Nederland, waar ook een heel sterk georganiseerd clubgebeuren leeft. Vaak zijn het ook clubs met een behoorlijke geschiedenis – clubs uit de jaren '60 en '70 die nu nog steeds draaien. In België wordt je natuurlijk wel erg verwend als muzikant. Daar zijn de clubs en zalen hier heel sterk in: de muzikant in de watten leggen. Gelukkig is het publiek overal enthousiast. Het Franse publiek is wel stiller dan het Belgische of Nederlandse publiek. Ze focussen zich helemaal op de muziek.
Staan er al festivals gepland in Frankrijk?
Er wordt momenteel nog volop geboekt, maar er staan zeker festivals aan te komen in Frankrijk. Er liggen er al een aantal vast maar er komen er ongetwijfeld nog bij.
En in onze streken?
We mikken natuurlijk op de grotere festivals. Werchter en Pukkelpop staan zeker op ons verlanglijstje, maar ook daar wordt nog volop geboekt en moeten we dus nog even afwachten. Ook Feest In Het Park en Dour staan er aan te komen
Onlangs vielen jullie dik in de prijzen. Jullie single "My heroics part 1" werd door stubru geselecteerd in de top 100 en ook bij de mia's waren jullie sterk aanwezig. Voel je daar de impact van?
Ja, plots werden we "hot". We werden wat meer "mainstream" en dat maakt inderdaad een verschil. We merken vooral dat plots veel meer mensen ons kennen. Absynthe Minded bestaat ondertussen bijna tien jaar, maar nu mogen we echt van een ware stroomversnelling spreken. Een echte stap voorwaarts in de media.
Heb je dat zien aankomen? Had je zoiets van "met deze plaat moeten we er geraken"?
Helemaal zeker ben je natuurlijk nooit, maar we voelden allemaal wel dat we met deze plaat echt iets konden doen. We waren zelf alleszins heel tevreden over de plaat en geloofden er rotsvast in. We hebben natuurlijk ook in heel goede omstandigheden kunnen opnemen: in ons eigen tempo en volgens onze eigen ideeën. Jean Lamoot (producer, red.) is een geweldige producer en de plaat is in Parijs (in studio Ferber, red.) opgenomen. Een beetje "geïsoleerd" zitten kan het opnameproces zeker verstevigen! Daarbij komt dat we meteen wisten dat "Envoi" het meest radiogevoelige nummer was dat we ooit gemaakt hadden. Al kan je dat natuurlijk nooit voorspellen...
Over "Envoi" gesproken: vanwaar dat idee om Hugo Claus op muziek te zetten ("Envoi" is een vertaling/bewerking van het gedicht van Hugo Claus, red.)?
De aanzet werd gegeven door Poetracks, een organisatie in Nederland. Een evenement dat je kunt vergelijken met bijvoorbeeld Saint-Amour hier. Aan Bert (Ostyn - zang, red.) had men gevraagd om een gedicht van Claus te vertalen. Er werkten verschillende artiesten aan mee en de opzet was dat elke artiest hetzelfde gedicht zou vertalen. Gelukkig had Bert dat niet helemaal goed begrepen (lacht): hij heeft het verkeerde gedicht vertaald, maar dat bezorgde ons wel de single die heel wat in gang heeft gezet… met het bekende resultaat.
Hoe verlopen opnames bij jullie? Is er echt sprake van een groepsproces of wordt er meer individueel gewerkt?
Opnames zijn bij ons een echt groepsproces. De basis van de songs, de tekst en de akkoorden, wordt door Bert voorbereid waarna het aan de groep is om er een Absynthe Minded-song van te maken. Bij de laatste plaat hebben we erg veel tijd uitgetrokken voor de preproductie. Zo wisten we bij de definitieve opnames heel goed wat we wilden doen en hoe we dat wilden bereiken. We spelen tijdens de opnames ook zoveel mogelijk alles live in om een echt groepsgevoel vast te leggen.
Hoe belangrijk is "sound" voor jullie?
Sound is de laatste tijd voor ons steeds belangrijker geworden. Aanvankelijk waren we meer een akoestische band, waardoor je sowieso al een bepaalde sound hebt. De laatste tijd groeiden we daar echter in en werd sound steeds belangrijker voor ons. Ieder van ons is echt intensief bezig met de zoektocht naar de juiste sound. 't Is ook een tweeledige zoektocht: individueel moet je sound goed zitten, maar dan moet het nog passen met de rest.
Vertel eens wat je momenteel in je setup gebruikt.
Mijn setup bestaat uit een Hammond toonwielorgel en uiteraard de Roland RD-700GX stage piano. Er worden live ook wel eens samples gebruikt, maar daar ontfermt de drummer zich over. Hij gebruikt daar een Roland recorder voor.
Jullie spelen nog steeds in dezelfde, oorspronkelijke bezetting?
Inderdaad. Nog steeds dezelfde bezetting als in het begin in – al is er in de loop van de tijd wel een groepslid bijgekomen. In het begin waren met zijn vieren – de drummer is er pas later bijgekomen. Ik hoop ook dat het zo zal blijven. We geloven echt rotsvast in het gegeven groep – zeker qua sound. Iets waar je zo lang aan gewerkt hebt, kan je ook niet zomaar gaan veranderen. Niemand van ons is vervangbaar. Never change a winning team.
Geen egotrippers in de groep dus?
Neen. Of toch: alle vijf een beetje. Maar dat moet ook. Die spanning is ook wel nodig in een groep om te blijven creëren. We kunnen ook zonder problemen lang ruzie maken over muziek – we weten dat 't uiteindelijk toch allemaal goed komt en niet voor het individu.
Daarstraks hadden we het al even over je setup. Wat gebruikte je voor je RD-700GX?
Hiervoor gebruikte ik de RD-150 stage piano van Roland. Die heeft een hele tijd dienst gedaan. Oerdegelijk apparaat. Ik was er ontzettend tevreden van, maar na tien jaar intensief toeren was het instrument echt aan vervanging toe. En uiteraard is er de Hammond die al heel lang meegaat. In de RD-piano's zitten ook Hammond, maar het klavier inspireert toch vooral om piano te spelen. Zeker het klavier van de RD-700GX is fantastisch goed. De Ivory Feel is ook zeer geslaagd. Ik was er alleszins zeer aangenaam door verrast.
Speel je ook akoestische piano?
Zeker. Ik heb ook de klassieke opleiding piano gevolgd, al speel ik tegenwoordig nog slechts zelden klassieke muziek. Maar thuis en in de studio gebruik ik toch nog vaak akoestische piano's. Ik volg trouwens ook nog een opleiding als pianostemmer en –restaurateur. Da's iets wat me enorm boeit en iets wat perfect combineerbaar is met mijn job als muzikant.
Een bewuste keuze als carrière na je bestaan als rockartiest?
Zelfs tijdens het bestaan als rockartiest. Nu kunnen we er van leven, maar dat is al anders geweest… en je moet er toch rekening mee houden dat het altijd weer kan veranderen. En omdat het zo nauw aansluit bij mijn muzikale wereld, is de combinatie perfect.
Hoe belangrijk is imago voor een groep als Absynthe Minded?
Imago is niet onbelangrijk. Bij de MIA-uitreiking liepen we bijvoorbeeld allemaal in mooie witte kostuums rond – al was dat een idee van de MIA-organisatie zelf. Ze hadden voor elke groep een bepaald concept qua podium en licht uitgedacht, en daar paste de witte pakken het best bij. We zijn niet echt een strak vormgegoten band, maar uiteraard speelt imago – zoals bij elke groep of artiest – een rol. Daar kan je nu eenmaal niet omheen… Een styliste hebben we niet, maar onder ons gevijven schenken we daar toch een minimum aan aandacht aan. We durven gerust tegen elkaar zeggen dat deze of gene niet om aan te zien is (lacht). Maar goed… het zou stom zijn van er niet mee bezig te zijn. Mensen verwachten dat nu eenmaal en men verwacht dat "het plaatje klopt".
Welke tips kan jij onze rolandmuzikanten nog meegeven? Spinal Tap-momenten?
Goh… mijn tip is eigenlijk: overal gaan spelen. Zoveel mogelijk en zo lang je kunt. Spelen op slechte podia, dat zijn de beste repetities. En eens je dan op de grotere of fijnere podia terecht komt, voel je je meteen een stuk zekerder en een stuk sterker. Iets wat ik vaak bij jongere muzikanten merk, is dat er wat neerbuigend wordt gedaan over optredens in een café of in een klein jeugdhuis. Maar door zo'n optredens te doen, doe je een schat aan ervaring op. Ervaring waar je later veel aan hebt. 't Is vaak de beste leerschool. Ik zou 't zelf nog altijd doen.
Zo kom je nog eens ergens… en je komt al eens schoon volk tegen.
Inderdaad. De fameuze "rockscene". 't Blijft een klein wereldje hé. Niet dat we allemaal de dikste vrienden zijn, maar sowieso kennen we mekaar natuurlijk wel. Zeker in de zomer wanneer er intensief festivals worden gespeeld, zie je dezelfde mensen heel regelmatig terug. Des te leuker is het dan ook als het een fijne boel wordt. Echt concurrentie is er ook niet. Ik zou het eerder een gezellige collegialiteit noemen. Ook opvallend is dat je groepen soms echt ziet komen en gaan. Wij draaien al een tijdje mee en we hebben zo al heel veel mensen leren kennen. Het blijft dus een boeiende ervaring.
Waar luister je op dit moment zelf naar?
Op dit moment... veel (Thelonious, red.) Monk. Oude jazz. Het hoeft zelfs niet oud te zijn (lacht): jazz in het algemeen kan me bijna per definitie bekoren.
Monk, daar kunnen we zeker mee leven! Bedankt voor dit gesprek.
De nieuwe favoriete pianist van het Verenigd Koninkrijk over het leven in de studio met twee goede vrienden van Roland…
De afgelopen jaren werden de charts vooral geteisterd door gitaarbands, hoewel één Brits talent net met in de rock'n'roll eerder zeldzame witte en zwarte toetsen aan de weg timmerde. De manier waarop Jamie Cullum met de jazz omspringt, zijn super levendige live-optredens en zijn prachtige songs hebben hem alvast heel wat erkenning opgeleverd.
Zelf blijft hij echter met beide voeten op de grond staan. Tijdens een gesprek met Power On in z'n knusse studio in Shepherd's Bush (waar hij samen met broer en co-producer Ben aan een nieuw album werkt) doet Jamie lyrisch over muziekmaken, klanken en het uitproberen van nieuwe dingen. Hij probeert nooit de aandacht op zich te vestigen en lijkt eerder dankbaar voor alle onderscheidingen, die hij voor zijn harde labeur en zijn talent in ontvangst mocht nemen. In zekere zin komt hij over als een diamant.
Jamie blijkt ook heel wat kaas gegeten te hebben van het creatieve productieproces. Hij is zoveel meer dan een popmarionet die wat jazzriedels zit te spelen: hij weet precies hoe je akoestische en elektronische elementen evenals verschillende stijlen smaakvol met elkaar moet combineren om er iets unieks van te maken. In ieder geval gebruikt Jamie hiervoor veel Roland-materiaal, omdat hij fan van Roland is...
Momenteel zit je in de studio te zwoegen. Welke producten van Roland helpen je inspiratie daarbij op weg?
"De MC-808 vinden we echt handig voor het uitproberen van nieuwe ideeën. We gebruiken hem vooral voor het schrijven van nieuw materiaal. Opgenomen hebben we er nog niet mee. Het is wel leuk dat je hem overal mee naartoe kunt nemen om wat te fröbelen en te kijken wat er gebeurt. Hij lijkt wel een "grabbelton" waar je je hand maar hoeft in te steken om met iets voor de dag te komen dat perfect geschikt is als uitgangspunt voor een nieuwe song. Hij bevat talrijke goede klanken en werkt bovendien lekker snel. Ik kan me niet herinneren de handleiding ook maar één keer open gedaan te hebben. Ik ga er veleer meteen mee aan de slag en zie wel wat er gebeurt. Wat me ook zeer charmeert is dat je tijdens het werken met de MC-808 niet naar een computerscherm hoeft te staren. Ik werk anders, wanneer ik niet naar een scherm hoef te kijken: het hele visuele gedeelte wordt minder belangrijk, zodat ik me kan concentreren op hoe het allemaal klinkt en aanvoelt. En dat is tenslotte de essentie."
We menen te weten dat je de SH-201 ook een leuk apparaat vindt…
"Klopt als een bus. Ik ben er erg over te spreken. De SH-201 is immers weer zo'n instrument voor muzikanten. Het afgelopen jaar heb ik hem vaak gebruikt, wat eerst en vooral te danken is aan zijn bespeelbaarheid. Hij heeft een eigen karakter, hij zit boordevol bruikbare klanken en hij werkt gewoon inspirerend. Ben en ik hebben samen met een aantal vrienden een houseband opgericht waarmee we tijdens optredens de drummer in 4/4 laten spelen, terwijl wij erover heen jammen. Daarvoor is de SH-201 gewoon perfect. Bovendien is hij zo licht dat ik hem achter mijn hoofd op mijn schouders kan leggen, terwijl ik speel."
De meeste mensen kennen je als pianist. Benader jij een synthesizer zoals de SH-201 op een andere manier dan een piano?
"Uiteraard. Tenslotte bestaat er niets ergers dan jazzmuzikanten, die plots synthesizers gaan bespelen, omdat ze geen ideeën meer hebben. Een synthesizer als de SH-201 kun je niet vanuit de pianohoek benaderen. Je moet hem veeleer beschouwen als een apart instrument. Pas wanneer je daartoe bereid bent, leer je zijn voordelen en zijn bedieningsgemak echt kennen. En dan voelt deze synth plots aan als een volwaardig instrument. Hij is fantastisch."
Net zoals tal van andere artiesten lijk jij je niet alleen met het schrijven van nummers bezig te houden, maar ook met de productie ervan. Ook bij jou vervagen de grenzen dus kennelijk. Heb je altijd al evenveel tijd besteed aan het productiewerk als aan de uitvoering van je muziek?
"O ja, ik ben al lang een fervente ‘homestudio'-gebruiker en weet dus wat drumcomputers zijn, hoe je met Logic werkt enz. Door de jaren heen heb ik heel wat leuke apparatuur aangekocht, dus lag het voor de hand dat ik me ook in de werking en bediening ervan zou verdiepen om er iets zinnigs mee te kunnen doen. Zo gaat het er tegenwoordig aan toe. De tijden dat je eerst een ruwe demo maakte en later in een grote studio een ‘gepolijste versie' van je songs opnam zijn al lang voorbij. Het meeste wat ik thuis opneem belandt uiteindelijk ook op het album. En eigenlijk is dat geen slechte zaak, omdat je dan vaak de opwinding van de ‘eerste take' in je muziek behoudt."
Wat mogen we van het nieuwe album verwachten? En kies jij er telkens bewust voor een andere richting uit te gaan, wanneer je aan een nieuw album begint?
"Het nieuwe album is veel energieker en klinkt dus een stuk ruiger dan mijn vorige albums. Hij zal een mix van standaardrepertoire, covers en nieuwe songs bevatten, maar hoe dan ook minder etherisch klinken. Ik probeer me bewust niet te herhalen, wanneer ik aan een nieuw album begin. Dat betekent echter niet dat ik al vastomlijnde ideeën i.v.m. de uitwerking van het materiaal heb. Bij het schrijven laat ik me vooral leiden door wat me de laatste tijd geïnspireerd heeft.
Tijdens mijn talloze optredens in pianobars ettelijke jaren geleden maakte ik een mix van jazz met songs van Radiohead of Metallica. Ik zag me toen immers als een DJ, die echter een piano i.p.v. een pickup gebruikte. Ik heb me eigenlijk altijd al met de meest uiteenlopende muzikale genres beziggehouden. Tijdens het schrijven van nieuw materiaal komen al die verschillende invloeden dan weer bovendrijven."
Naar welke muziek luister jij de laatste tijd zoal?
"Momenteel kan dit eender wat tussen Villa Lobos en Arcade Fire zijn. Daarbij gaat het mij niet louter om de songs, omdat ik ook klanken en ritmes op zich al interessant vind. Ik kan dus net zo uit mijn bol gaan bij het horen van 'ambient electronic'-muziek als bij een echte evergreen."
Voor iemand met een eerder "traditionele" achtergrond, d.w.z. pianomuziek, sta je eigenlijk verrassend open voor klankkleuren en sferen van de meest uiteenlopende genres, zoals R'n'B, hiphop en rock. De eerder experimentele kant van Jamie Cullum wordt bv. belicht door je sporadische gebruik van een RC-2 Loop Station…
"Dat doet ik vooral live. Ik plaats mijn stem, bepaalde grooves en nog talrijke andere dingen in een lus. Sommige mensen fronsten de wenkbrauwen toen ik met de Loop Station begon te werken, omdat ze het toch maar vreemd vonden dat een pianist oude nummers met zo'n ding bracht. Andere artiesten hebben, denk ik, ook wel met loops zitten experimenteren. Ik vind het in ieder geval leuk – en bovendien is het toch wel uniek dat je met een effectpedaal interactief muziek kunt maken. Het is een stuk gereedschap waarmee je nieuwe sounds en ideeën kunt uitwerken. En dat is op zich toch al een voordeel."
Waarom ben je op V-Drums beginnen spelen ?
Eind 1992 ben ik eerst op de Roland TD-7 set beginnen spelen. De eerste V-Drums zijn er 5 jaar later met de TD-10 gekomen, begin 1997. De interesse voor electronische drums zat er bij mij al van in het midden van de jaren '80 redelijk diep in. Ik was toen fan van nogal wat P-Funk en fusion muzikanten, en ondermeer de groep Cameo, ondermeer bekend van de hit "What's Up", gebruikte toen reeds een Simmons drumset wat hen een zeer eigen sound bracht. Ik was ook in sampling, synth bass klanken en toestellen als een Synclavier geïnteresseerd, maar dat lag allemaal ver boven mijn budget. Elke zaterdag stond ik wel in één of andere muziekwinkel op drumcomputers en de eerste sampling synthesizers te tokkelen. Ik kocht ook bewust LP's en CD's van artiesten die dergelijke technologische instrumenten intensief gebruikten. Thuis deed ik trouwens niets liever dan met mijn akoestische drums hard bovenop electronische Funk & Hip Hop beats mee rammen.
Je speelt ook nog steeds akoestisch, dus perfect combineerbaar?
Dat was ook het eerste wat ik ooit met electronische pads heb gedaan : een oude Boss drumpad tussen mijn akoestische trommels monteren om er live electronische claps mee te kunnen spelen. Ik monteerde toen ook een afzonderlijke microfoon op mijn snaredrum die recht in een FX processor ging. Ik vond het inspirerend om zo klank "bij" te maken.
Welk muziekgenre speel je het liefst en waarom?
Ik denk dat mijn motoriek, toch zeer belangrijk voor een drummer, het meest los komt van de cocktail ergens tussen P-Funk, Dance en alternatieve rock in. Mét misschien een vleugje Shuffle Blues erop gepeperd. Ik hou erg veel van de synergie tussen drums en basgitaar of keyboard bass. Ik ben van jongsaf aan opgegroeid met het gevoel dat bas en drums "één" zijn. Ik ben even goed fan van bepaalde bassisten als van mijn drumidolen. Of van groepen waar de ritmetandem zo'n belangrijke stempel op de songs drukt, dat de riffs minstens even belangrijk worden dan de teksten.
Electro producers doen tegenwoordig hetzelfde in Tech House, Drum'n Bass, Trance, BreakBeat of het tegenwoordig snel opkomende Dub Step, waar behoorlijk wat échte old school bass- en drums truukjes in verwerkt zijn. Het mag soms zelfs lekker zwaar gaan voor mij, een beetje Trash Metal kan ik ook zeer smaken. Maar goed, tijdens een drumdemonstratie of een studio sessie moet ik even goed maximaal speelplezier in een popbeat kunnen overbrengen, dus daar leg ik dan graag mijn kleurenfiltertje op.
Je experimenteert graag met de V-Drums... wat zijn de leukste dingen die je tot nu toe op zo'n kit hebt ontdekt ?
Dankzij de continue evolutie in de triggering en dynamiek van de V-Drums is het gigantisch inspirerend om alle beschikbare functies, inclusief sequencer en effecten eens extreem open te draaien. Dat brengt soms heel verrassende klanken bij elkaar, allemaal "toevallige ongelukjes". Zo kom je soms op beats en songs die je anders nooit zou bedenken. Of fills die je nooit op een akoestische set zou spelen, maar die je wel meeneemt naar de volgende oefensessie of concert.
Je reist de wereld rond om demo's te doen. Hoe ben je daarmee kunnen beginnen ?
Ik kreeg in 2001 een eerste maal de kans om voor Roland op de Musik Messe in Frankfurt te spelen. Het was een buitenkans om eens tussen de échte internationale demonstrateurs te staan. Ik had me dan ook gedurende enkele weken grondig op die Frankfurt demo's voorbereid. Tijdens de allereerste demo, de eerste beursdag net na 9u in de ochtend, stonden er heel wat mensen van Roland Japan met hun video camera's in de aanslag naar mijn toen ongetwijfeld zenuwachtig gebrachte eerste set te kijken. Een paar weken later kwam de eerste aanvraag voor een eerste demo toer in Azië. Ik sprong een gat in de lucht.
Worden V-Drums in al die verschillende landen/regio's ook telkens weer anders bekeken ?
Absoluut. In vergelijking met andere continenten staan we in Europa redelijk ver voor wat de diversiteit aan muziekgenres en het gebruik van electronische instrumenten op het podium betreft. Terwijl vooral in de Benelux, Frankrijk en de UK bijvoorbeeld af en toe al eens electronische drumsets op de festivalpodia staan, is dat in vele andere landen nog bijlange niet zo. In veel Aziatische landen zijn V-Drums nog steeds een zéér nieuw gegeven, waar wel reeds intensief op geoefend wordt, maar waar ze de live concert mogelijkheden voor de meer electronische genres nog moeten ontdekken.
In India daarentegen staat de electronische multipad zoals de onlangs door de SPD-30 vervangen Roland SPD-20 wél al jaren op de meeste podia, omdat het én een zeer dankbare én een zeer goedkope oplossing is voor al die drumtalenten daar die met hun brommer en twee stokken van de ene naar de andere klus hotsen. Afgaand op het jonge succes van de nieuwe SPD-30 Octapad daar kan je er donder op zeggen dat ook de talrijke Indische DJ's erop van jetje gaan geven.
Je bent betrokken geweest bij enkele recente V-Drums ontwikkelingen. Hoe is dit gekomen, hebben ze het jou gevraagd?
Eind 2003 hebben de Japanse ingenieurs enkele internationale demonstrateurs gevraagd om drumkits te programmeren voor de TD-20. Ik kon toen voor hen ook wat beta testing doen van de nieuwe pads. Daarna volgden ook demosongs, drumkits en testing voor de TD-9 en TD-4, maar ik heb zelf het meeste geleerd bij het mee met de ingenieurs in Japan klanken maken en fine tunen van de gebruikersinterface voor het TDW-20 expansion board, dat ook standaard in de nieuwe TD-20X zit. Vanaf oktober 2009 heb ik dan de laatste ontwikkelingsmaanden van de SPD-30 mogen meemaken, met ondermeer ook weer een bijna twee weken durend verblijf ginder.
Je speelt niet enkel solo maar ook met enkele bekende Belgische artiesten. Is het normaal dat een drummer in zoveel groepen speelt?
Ik ben in de eerste plaats nog altijd een drummer die graag in goepen speelt. Over de jaren heen heb ik een bepaalde sound ontwikkeld en me in bepaalde genres gespecialiseerd, niet in het minst dankzij het continu wisselen tussen en combineren van de akoestische set met de V-Drums. Een Milk Inc of Kate Ryan concert zou trouwens helemaal niet zo overkomen moest ik daar akoestisch spelen : dat zijn Dance artiesten, en de beats moeten dus ook live Dance klinken. Net zoals Rock rock en Jazz jazz moet zijn.
Hoe krijg je dit allemaal geregeld met nog eens demonstrator en ontwikkelaar erbij?
Ik spendeer soms uren aan de e-mail en trek minstens een uur per dag uit om mijn agenda goed te beheren. Een muzikant is ook een zelfstandig ondernemer, dus communicatie en een goeie voorbereiding zijn absolute musts. Het is soms hard werken zonder één noot te spelen, maar als het dan zover is, volle gas !
Waarom speel je bijvoorbeeld bij Ozark Henry op akoestische drums en niet met V-Drums?
Om net dezelfde reden dat ik bij Kate Ryan en Milk Inc enkel op V-Drums speel : de muziek vraagt om een bepaalde drumbenadering en sound. Maar ook bij Ozark Henry staan er niet enkel akoestische drums op het podium : de SPD-S en Handsonic 10 bijvoorbeeld spelen daar ook een grote rol in de live set.
Heb je nog één of meerdere tips voor jonge drummers ?
Goh, en dit geldt eigenlijk voor alle drummers, ook mezelf : zorg dat jouw interne klok, de pulse van het ritme, zo diep in je lijf zit dat je ultiem drumplezier kan uitstralen, ook al speel je bovenop een computergestuurde click track of gesampelde loop. Als drummer ben je de schakel tussen de technologie die je tegenwoordig op de live podia ziet en de rest van de muzikanten die bovenop jouw groove moeten bouwen. Vandaar dat alle V-Drums zulke praktische interne metronoom, rhtyhm coach oefeningen of vooraf geprogrammeerde sequences aan boord hebben. Het maakt het trainen van je timing tot een veel leukere én vooral efficiënte belevenis.
Het Australische kwartet The Temper Trap is inmiddels ook bij ons een begrip aan het worden. De single "Sweet Disposition" wordt zo vaak op de radio gedraaid dat het succes van deze band alleen maar in stijgende lijn kan gaan. We praatten met de drummer Toby Dundas over plankenkoorts, Nick Cave en op welk Roland-instrument hij nog steeds zit te wachten.
Hoe is The Temper Trap ontstaan?
Dougy en ik werkten in een winkel in Melbourne en op zekere dag vertelde hij me dat hij muzikanten zocht. Ik speelde op dat moment weliswaar bas in een andere groep en vond het wel leuk om het op z'n minst eens te proberen, maar al tijdens de eerste jam was ik erg onder de indruk van Dougy's stem. En zo deden we binnen de kortste keren alsmaar meer samen. Jonny en Dougy kenden elkaar uit de tijd toen Dougy net van Indonesië naar Australië verhuisd was. Hoewel ook hij geen bassist was, daagde hij voor de tweede repetitie op, omdat een andere jongen het die dag gewoon had laten afweten. Jonny maakte snel vorderingen en het idee van een groep begon vaste vorm aan te nemen. Tijdens het daarop volgende jaar verloren we twee gitaristen. Op een bepaald moment vroegen we aan Lorenzo, een schoolkameraad van mij, bij ons te komen spelen toen zijn groep splitte. Dát was wellicht het begin van The Temper Trap.
Jullie hebben net een reeks zomerfestivals achter de rug. Wat was het hoogtepunt?
In Groot-Brittannië alvast Reading. De tent zat afgeladen vol en het publiek was al gek voordat wij opgingen. Zoiets hadden we nog nooit beleefd. Gelukkig was het ook één van onze beste optredens die zomer, want we begonnen de druk toch wel een beetje te voelen. Het Summersonic-festival in Japan was ook onvoorstelbaar. Japan op zich was al een hele ervaring. Ik heb daar waanzinnig veel gegeten. In Tokio speelden we voor 5000 mensen – zomaar eventjes ons grootste publiek tot dan toe.
Kun je ons iets over de muziekscene in Melbourne vertellen? Waar zie jij verschillen tussen Groot-Brittannië en Australië?
De muziekscene in Melbourne leeft en stelt het wonderwel. Er zijn veel zalen en plaatsen waar je als beginnende groep kunt gaan spelen. Dus zijn er ook waanzinnig veel bands, wat meteen voor een gezonde concurrentie zorgt, omdat je van meet af aan moet trachten boven te drijven.
De hele band gebruikt betrekkelijk veel Roland- en Boss-producten. Kun je ons iets over het materiaal vertellen en hoe jullie het live gebruiken?
Onze liveset wordt betrekkelijk ingewikkeld. Maar dat was een gradueel proces. Inmiddels gebruiken we een hele batterij pedalen. Lorenzo maakt de meeste van zijn sounds met een Boss DD-20. Sinds een aantal weken werkt hij bovendien met een RC-20XL LoopStation. Op een bepaald moment gebruikte Jonny drie Boss DS-1 pedalen in serie, omdat hij gek is op vervorming. Later hebben we een SPD-S Sampling Pad gekocht, echt een fantastisch apparaat waarmee we loops en bijkomende drumpartijen aansturen om live nog veelzijdiger uit de hoek te kunnen komen.
Op een bepaald moment moest ik live in twee nummers gitaar spelen. Daarvoor gebruikte ik mijn Roland JC-60 versterker en meerdere pedalen, waaronder een Boss DD-3, DS-2 en één van mijn favoriete Boss-pedalen: de LS-2. Op die manier kon ik twee sounds met elkaar combineren en dus flexibeler werken. Inmiddels hebben we er voor de optredens iemand bijgenomen die dat materiaal –plus een aantal van zijn eigen dingen– nu gebruikt. We zitten er ook over te denken een Juno-Di of Juno-G synthesizer aan te schaffen om de sound nog grootser te maken.
Wat vind jij het leukst en het meest vervelende aan toeren?
Het leukste is dat we zoveel verschillende landen en mensen leren kennen. Het meest vervelende zijn de lange busritten.
Hebben jullie last van plankenkoorts? Heb je eventueel tips voor mensen die daarmee te kampen hebben?
Dougy stond vroeger vóór elk concert te kokhalzen, maar inmiddels lijkt hij daar geen last meer van te hebben. Ik herinner me een aantal optredens toen wij in het voorprogramma van bands speelden die ik erg respecteer. Toen was ik echt zenuwachtig. Maar hoe vaker je speelt, hoe gemakkelijker het allemaal gaat.
Van welke bands zijn jullie onder de indruk?
We hebben twee festivals met Florence and the Machine gedaan. Dat zijn echte podiumbeesten. En dan was er nog een band uit Londen, Mumford and Sons, met wie we samen op het iTunes Festival gespeeld hebben.
Jullie vermelden Nick Cave als één van jullie invloeden. Wat precies bewonderen zoveel mensen aan hem?
De Heilige Nick, bedoel je? Ik weet niet wie van de jongens dat gezegd heeft. Persoonlijk beschouw ik hem niet als een muzikale invloed, wat echter niet wegneemt dat hij de "elder statesman" van de Australische rock is waar iedereen naar opkijkt. Hij heeft een aantal intuïtieve songs geschreven en doet dit nog steeds. Wie zijn laatste album, "Dig Lazarus Dig", niet kent, mist gewoon iets.
Jullie nieuwe album, "Conditions", is geproduced door de beroemd-beruchte Jim Abbiss. Hoe heeft hij het beste uit jullie tevoorschijn getoverd?
Jim legde vooral de nadruk op het vastleggen van live ingespeelde nummers. Soms besteedden we een hele dag aan het inspelen van de basistracks tot hij vond dat we iets magischs gevonden hadden. Soms voelde hij al na één of twee takes iets, zodat we meer tijd konden besteden aan het zoeken van de overige geluiden, sferen, bieps en blips… Naar een bijkomende stem te moeten luisteren was een echte uitdaging, maar al die kleine conflicten leiden wel vaak tot fantastische ideeën.
Hebben jullie nog vragen aan Roland?
Wanneer komt er een update van de SPD-S uit die het gebruik van SD-kaarten met een grotere geheugencapaciteit toelaat en op z'n minst vier uitgangen heeft? Dat zou fantastisch zijn en bovendien verkopen als warme broodjes. Als we het heel lief vragen?
Tioneb
Benoit POUJADE, alias Tioneb, kroont zich tot World Loop Champion!
Een van de grote publiekstrekkers dit jaar tijdens de Musikmesse in Frankfurt was de Internationale Finale van de 2e editie van de BOSS Loop Contest, een wedstrijd waarin muzikanten, gewapend met een instrument, hun stem en een loop station, het tegen elkaar opnemen.
Tussen de 12 kandidaten uit alle hoeken van de wereld wist de Fransman Tioneb zich te onderscheiden met een buitengewone performance. Het was meteen ook voor iedereen duidelijk dat de BOSS RC-300 Loop Station geen enkel geheim meer heeft voor deze muzikale artiest uit Cahors.
Hoewel de finalisten dit jaar stuk voor stuk 'straffe gasten' waren die de lat aardig hoog legden voor elkaar, stak Tioneb er toch wel met kop en schouders bovenuit. Hij had zelfs geen 5 minuten nodig om de jury te overtuigen en het publiek op zijn hand te krijgen met een performance die we niet anders dan een 'wervelend huzarenstuk' kunnen noemen. Een welverdiende wereldtitel, dus. Bekijk zijn show in de video hieronder.
www.tioneb.orgRoland op het Web
Ook Roland Central Europe volgt de laatste trends op het web. Check it out!
Roland Joint Ventures
Roland is actief over de hele wereld. Om u een optimale dienstverlening te garanderen, vragen we u te rade te gaan bij de website die het dichtst aanleunt bij uw huidige locatie.

































